Zelfbewoningsplicht

Zelfbewoningsplicht is de verplichting dat de koper zelf in het huis gaat wonen. Dit wordt vastgelegd in de koopakte. De koper laat in de akte vastleggen dat hij of zij de intentie heeft om zelf in de woning te gaan wonen. De zelfbewoningsplicht zie je vaak bij woningen die via een woningcorporatie worden verkocht. Maar het wordt ook steeds vaker vanuit de gemeente opgelegd. Hiermee willen gemeenten voorkomen dat alle woningen opgekocht worden door beleggers.

Waarom bestaat de zelfbewoningsplicht?

De reden dat de zelfbewoningsplicht bestaat is om te voorkomen dat particulieren of beleggers woningen kopen om ze vervolgens te verhuren. Koop je jouw eigen huurwoning, dan wordt de zelfbewoningsplicht vaak aangevuld met een anti-speculatiebeding. Hiermee wil de woningcorporatie voorkomen dat de woning binnen een bepaalde termijn (meestal twee jaar) wordt doorverkocht of wordt verhuurd. De woningcorporatie bepaalt de verkoopprijs van de woning. Vaak ligt die iets onder de marktprijs. Onderhandelen over de prijs is niet mogelijk. Voor beleggers kan dit een goudmijn zijn. En dat wil een corporatie juist voorkomen.

Kan ik onder de zelfbewoningsplicht uit?

Dat is afhankelijk van wat er in de clausule staat. Staat er dat de zelfbewoningsplicht voor onbepaalde tijd is, dan mag je de woning nooit verhuren. En je mag de woning in de eerste twee jaar niet verkopen. Als je dit wel doet, dan kun je een boete krijgen. Staat er wel een termijn in de zelfbewoningsclausule, dan mag je na het verstrijken van die termijn de woning wel verhuren of verkopen. 

Toch zijn er uitzonderingen. Namelijk bij overlijden of een echtscheiding. In die gevallen kun je eerder onder de zelfbewoningsplicht uit komen.